Digitale Drukmeting

Met een digitale drukmeting kan veel informatie worden gekregen over de belasting die op de onderste extremiteiten wordt uitgeoefend. De meting kan in stand (statisch) of tijdens lopen (dynamisch) worden uitgevoerd.

In figuur 1 is een statische drukmeting afgebeeld. Hiermee wordt niet alleen de belasting bepaald op het linker en rechter been maar ook de verdeling over de achtervoet en voorvoet. Deze scan is vooral geschikt om na te gaan wat de invloed is van een beenlengteverschil op de belasting links/rechts. Ook de ligging van het zwaartepunt en de belasting op voorvoet en achtervoet geven informatie over de houding van de patiƫnt. Na het toepassen van orthopedische hulpmiddelen kunnen veranderingen in belasting en gewichtsverdeling worden gecontroleerd.

figuur 1
figuur 1

Dynamische onderzoeken geven vaak een beter beeld over de (dys)functies van de onderste extremiteiten. Met een dynamische drukmeting (figuur 2) kunnen o.a. de volgende metingen worden verricht: lokale piekdrukken, hoekmeting van abduktiestand van de voeten (roze lijn), hoekmeting subtalaire beweging (grijze lijnen).

De abduktiestand van de voeten staat in directe relatie met de aanwezigheid van (ab)normale heuprotaties tijdens het lopen. De subtaliare beweging staat direct in relatie met (ab)normale rotaties van het kniegewricht.

 

Tevens is de M-curve zichtbaar. Hier wordt de totale druk (in Newton) op de voetzool weergegeven tijdens de afwikkeling. Bij een normale wandelsnelheid mag de maximale druk niet boven 125% van het lichaamsgewicht uitkomen. Op de y-as wordt de tijdsduur van de afwikkeling weergegeven in milliseconden. De duur van de voetafwikkeling tijdens wandelsnelheid duurt ongeveer 800 milliseconden.

In een aantal gevallen is het niet alleen van belang om de hoogte van de maximale druk op de voetzool te meten. Tevens is het interessant om te weten hoe lang deze druk aanwezig is. Dit wordt de impuls genoemd (druk x tijd). Te lange belasting kan ontstaan door een abnormaal looppatroon, te langzame loopsnelheid of coƶrdinatieproblemen (bijvoorbeeld perifere neuropathie). Figuur 3 laat een dynamische meting van een voet met een diabetische neuropathie zien waarbij deze impuls wordt gemeten. Hoewel er een langdurige druk op de voorvoet aanwezig is, is er (nog) geen sprake van een risico op een neuropathisch ulcus. De scanner is namelijk zo ingesteld dat risicoplekken een roodverkleuring laten zien.
figuur 3
figuur 4

Naast een totaalbeeld kunnen ook individuele zones op drukbelasting worden beoordeeld. In figuur 4 rechts wordt een overzicht gegeven van de druk (Newton/cm2) op de verschillende anatomische structuren van de voet. De rechter kolom geeft de kleur van de structuur aan in de grafiek. Wat opvalt, is de hoge piekdruk op MTP 3 (wit) en 4 (licht blauw) in de bovenste grafiek ofwel de linker voet.Naast de druk kan op de Y-as worden afgelezen of contact, midstance en afzetfase op de juiste tijd starten en eindigen. In de onderste grafiek ontbreekt een toe-off van de hallux tijdens de afzetfase.